Wat is Pleegzorg?

Soms kunnen kinderen (tijdelijk) niet bij hun ouders wonen. Dit kan komen door opvoedproblemen of een onveilige situatie voor het kind in het gezin. Voor kinderen in deze situaties kan Pleegzorg een uitkomst bieden. Pleegzorg betekent dat een kind tijdelijk in een ander gezin gaat wonen. Zeven dagen in de week of af en toe een weekend of vakantie. Dat hangt af van wat het beste is voor het kind.

Pleegzorg eerste keus

Als er problemen met kinderen zijn in een gezin wordt altijd eerst gekeken of deze thuis opgelost kunnen worden. Kan dat niet of lukt het met de geboden ondersteuning niet om een veilige thuissituatie voor een kind te creëren, is Pleegzorg de eerste keus. Het is de opvangvorm die het dichtst bij de natuurlijke gezinssituatie blijft. In de Jeugdwet is vastgelegd dat een kind in het geval van een uithuisplaatsing, indien mogelijk, bij een pleegouder of in een gezinshuis wordt geplaatst, tenzij dit aantoonbaar niet in het belang is van het kind.

In een gezin

Het recht van kinderen om in een gezin op te groeien staat bij Pleegzorg centraal. In eerste instantie wordt in de eigen familie of bij bekenden gezocht naar opvang. Lukt dat niet, dan zoekt Scoor Pleegzorg een geschikt bestandspleeggezin. Scoor Pleegzorg is daarom voortdurend op zoek naar goede pleegouders.

Het doel

Het doel van Pleegzorg is dat de ouders zelf de opvoeding weer op zich nemen. Als blijkt dat dit onmogelijk is, nemen pleegouders de opvoeding van het kind voor langere tijd op zich. De relatie met de eigen ouders blijft voor kinderen altijd van belang.

Pleegouders nemen tijdelijk de opvoeding en verzorging over van de ouders. Hoe lang een kind in een pleeggezin woont, is afhankelijk van wat het beste is voor het kind. Soms is dat maar een paar dagen, maar afhankelijk van de situatie thuis kan het ook enkele jaren duren. Zelfs totdat het kind volwassen wordt.

Pleegkinderen zijn er in alle leeftijden, zelfs baby’s kunnen, als dat nodig zou zijn, direct na de geboorte naar een pleeggezin gebracht worden. Pleegkinderen kunnen tot hun 18e in een pleeggezin wonen.

Wanneer naar een pleeggezin?

Een kind wordt niet zomaar uit huis geplaatst. Er wordt altijd eerst gezocht naar andere oplossingen. Als er Pleegzorg nodig is, is er altijd iets ernstigs aan de hand, zoals een onveilige thuissituatie voor een kind of een situatie waarin het kind zich niet goed kan ontwikkelen. Het kan ook zijn dat het kind uit huis geplaatst wordt omdat hij of zij een beperking of gedragsproblemen heeft waar de ouders niet mee om kunnen gaan. Het kind kan bijvoorbeeld ADHD hebben of autistisch zijn. Kinderen kunnen dan moeilijk gedrag vertonen waarmee de ouders zich geen raad weten, ook niet na hulp in de thuissituatie. Ook wanneer ouders zwakbegaafd zijn, kunnen ze hun kind niet adequaat genoeg opvoeden. Ook dan kan een Pleegzorg plaatsing nodig zijn.

Vormen van Pleegzorg

Het kan nodig zijn dat een kind voltijd in het pleeggezin gaat wonen, maar het kan ook dat opvang slechts enkele dagen per week of maand nodig is. We speken dan van deeltijd Pleegzorg. Bij langdurige Pleegzorg kan het kind jaren, zelfs tot aan zijn volwassenheid / zelfstandigheid, in een pleeggezin blijven wonen. Het kind wordt dan echt onderdeel van het gezin.

Bij beide vormen houdt het kind contact met zijn eigen ouders. Dit is heel belangrijk voor de emotionele- en identiteitsontwikkeling van pleegkinderen. Maar ook voor de hechting van het pleegkind in het pleeggezin.

Pleegkinderen

Een pleegkind probeert zoveel mogelijk een ‘gewoon’ leven te leiden en opgenomen te worden in het gezinsleven. Het kind gaat naar school, speelt met vriendjes, gaat sporten, enzovoorts.

De ouders blijven de ouders en een pleegkind houdt bijna altijd nog contact. Er worden bij aanvang van de Pleegzorg plaatsing omgangsafspraken gemaakt. Als de situatie bij ouders thuis niet veilig is, kunnen de ouders en het kind elkaar ontmoeten op een andere locatie of bij pleegouders thuis. Dit wordt per situatie en per kind bekeken. Soms zijn er ook broertjes en zusjes of andere familieleden belangrijk voor een kind, ook hiermee wordt contact gehouden.

Ieder kind wil het liefst bij zijn eigen ouders wonen, maar meestal begrijpt een kind dat het beter is om een tijdje niet thuis te wonen. Toch is het voor elk pleegkind belastend en moeilijk om uit huis geplaatst te worden. Het kind mist de ouders, broers en zussen, vrienden, huisdieren, opa en oma, de eigen kamer, klasgenoten en heeft vaak veel narigheid meegemaakt.

In een pleeggezin kan het pleegkind tot rust komen en krijgt het de aandacht en zorg die het nodig heeft. Pleegkinderen zijn soms erg boos, bang en verdrietig door alles wat hen is overkomen. Dit laten zij zien in hun gedrag. Ze zijn bijvoorbeeld snel driftig, willen de baas spelen, zijn brutaal, huilerig of juist heel stil.

Soms hebben pleegkinderen het gevoel dat ze moet kiezen tussen hun ouders en pleegouders, maar dat zou niet zo moeten zijn. De ouders en pleegouders zijn allebei belangrijk en voor het kind is het van belang dat zij op een goede manier met elkaar samenwerken.

Pleegzorg is geen adoptie

Bij adoptie worden de adoptieouders voor de wet ook officieel de ouders (familie). Een pleegkind wordt officieel geen familie. Het pleegkind houdt ook zijn eigen achternaam. Een pleegkind wordt ook nooit alleen opgevoed door de pleegouders. Er zijn veel mensen bij de opvoeding betrokken. In ieder geval de eigen ouders en een Pleegzorg begeleider. En als de kinderrechter heeft bepaald dat het kind uit huis geplaatst moet worden, komt er ook een gezinsvoogd. Deze heeft samen met de eigen ouders de verantwoordelijkheid over het kind.

Hoe word je pleegouder?

Pleegouder worden vraagt een zorgvuldige voorbereiding.  De keuze om pleegouder te worden, is een ingrijpende stap. Een pleegouder is de opvoeder van een kind van een ander. Er komt een kind bij in het gezin of misschien is het de eerste ervaring met het opvoederschap. Hoe dan ook, deze keuze vraagt om een goede voorbereiding. Dat is in het belang van het pleegkind én in het belang van het pleeggezin. Pleegouders zijn verantwoordelijk voor de dagelijkse zorg en opvoeding van een pleegkind en vervullen daarmee een belangrijke taak. Daarom zijn er bepaalde (wettelijke) voorwaarden opgesteld waaraan pleegouders moeten voldoen:

  • Pleegouders moeten een minimale leeftijd van minimaal 21 jaar hebben;
  • Pleegouders hebben een verklaring van geen bezwaar nodig van de Raad voor de Kinderbescherming voor de aspirant-pleegouder(s) en alle inwonenden van 12 jaar en ouder. Aspirant-pleegouders geven met een formulier toestemming aan Scoor Pleegzorg om deze verklaring aan te vragen;
  • Pleegouders hebben een positieve referentie nodig van bijvoorbeeld een arts, werkgever of leerkracht van een eigen kind.

Scoor Pleegzorg maakt ten slotte aan de hand van de volgende 6 criteria een inschatting of een constructieve samenwerking met pleegouders mogelijk is:

  1. Pleegouders zijn open in de omgang met anderen. Zij durven voor hun gevoelens uit te komen. Zij zijn in staat om te luisteren naar anderen die met hen van mening verschillen en kunnen met hen informatie uitwisselen.
  2. Pleegouders zijn in staat om de zorg voor pleegkinderen met anderen te delen. Zij werken samen met organisaties en met de ouders van pleegkinderen.
  3. Pleegouders zijn in staat kinderen te helpen. Hoe pijnlijk de voorgeschiedenis van pleegkinderen soms ook is, pleegouders hebben er begrip voor en kunnen kinderen helpen hun leven te begrijpen.
  4. Pleegouders weten hoe ze kinderen kunnen leren om zich aan hun omgeving aan te passen. Zij doen dat op een positieve manier. Zij helpen het kind zijn gedrag te veranderen zonder het pijn te doen.
  5. Pleegouders weten wat het betekent om een pleegkind erbij te krijgen in hun gezin. Zij kunnen inschatten welke invloed het pleegkind, en alles wat het met zich mee brengt, op hun situatie zal hebben.
  6. Pleegouders bieden een pleegkind een veilige leefomgeving.

Het voorbereidingstraject met Scoor Pleegzorg is erop gericht dat de aspirant-pleegouder zelf ontdekt of het pleegouderschap past bij hem of haar en het eventuele gezin. Als niet wordt voldaan aan een of meerdere eisen, wordt dit besproken met de aspirant-pleegouders. Scoor Pleegzorg heeft de uiteindelijke beslissingsbevoegdheid of iemand pleegouder kan worden.

Als aspirant-pleegouders verder willen met Pleegzorg en Scoor Pleegzorg hen geschikt vindt, wordt een rapport opgesteld. Daarin staan naast de krachten en de competenties van de aspirant pleegouders ook de aandachtspunten. Dit rapport vormt de basis voor de matching (ook wel bemiddeling genoemd) en de begeleiding op het moment dat er een pleegkind bij de pleegouders wordt geplaatst. De matching (het zoeken van pleegouder(s) voor een pleegkind) is maatwerk en een van de belangrijkste stappen in het hele proces. Vanaf het moment dat een pleegkind in een pleeggezin gaat wonen, heeft een Pleegzorg begeleider regelmatig contact met het pleeggezin. Hij of zij krijgt daardoor een goed beeld van het reilen en zeilen in het gezin en kan antwoord geven op vragen. Daarnaast biedt de Pleegzorg organisatie extra ondersteuning in de vorm van opvoedingsprogramma’s en themabijeenkomsten over onderwerpen, zoals omgaan met moeilijk gedrag, hechting of loyaliteit naar (pleeg)ouders.

Goede pedagogische zorg voor pleegkinderen staat voorop en veiligheid is daar een belangrijk onderdeel van. Daarom volgt Scoor Pleegzorg de situatie van het kind in het pleeggezin en wordt er jaarlijks een veiligheidscheck gedaan. In sommige situaties kan een nieuwe verklaring van geen bezwaar bij de Raad voor de Kinderbescherming worden aangevraagd. Bijvoorbeeld als er een nieuwe inwonende komt van 12 jaar of ouder of als er 2 jaar geen pleegkind is geplaatst.

Interesse om pleegouder te worden of aanvullende vragen?

Neem dan vrijblijvend contact op met Scoor Pleegzorg: 045 8200222 of info@scoorpleegzorg.nl.